Ga direct naar:

Begrippenlijst

De Begrippenlijst geeft een korte verklaring van termen, begrippen en afkortingen met betrekking tot duurzame kwaliteit in de gebouwde omgeving (duurzaam bouwen) en verwijst voor specifieke informatie naar elders.

D

Daglichtfactor

DAB
Daglichtfactor
dB(A)
DCBA-methode
Decimale voorvoegsels
DMPM
Domotica
Dove gevel
DPL
Drie-Stappen-Strategie
Drietraps-strategie waterkwaliteit
Drietraps-strategie waterkwantiteit
DuBo op maat
Dubo-convenant
DuboCalc
Duurzaam bedrijventerrein
Duurzaam bouwen
Duurzaam geproduceerd hout
Duurzaam ondernemen
Duurzaam slopen
Duurzaam Veilig
Duurzame energie (DE)
Duurzame ontwikkeling
Duurzame stedenbouw
DUWON

Begrip dat gehanteerd wordt voor de beoordeling van de hoeveelheid daglicht op een werkplek.

De daglichtfactor drukt uit of in 75% van de kantoortijd op de werkplek gemiddeld een daglichtniveau van 400 lux wordt bereikt. Het niveau van 400 lux wordt als 'goed' tot 'zeer goed' ervaren. Lux staat voor verlichtingssterkte (lx). Factoren die van invloed zijn op de daglichtfactor zijn: glaspercentage van de gevel, LTA-waarde (lichttoetredingsfactor) van de gekozen beglazing, kleurstelling van het interieur, plaatsing van de werkplek ten opzichte van het raam, belemmeringen binnen en buiten het gebouw.

In het Nationaal Pakket Duurzaam Bouwen Utiliteitsbouw is als maatregel opgenomen U657: 'Zorg voor een daglichtfactor op de werkplek van ten minste 3%'. Aan de maatregel wordt voldaan indien door middel van een daglichtberekening kan worden aangetoond dat de daglichtfactor in de verblijfsgebieden overal boven de 0,9% blijft en op de werkplekken overal boven de 3%. Bij benadering komt dit overeen met wanneer 30% van de gevel uit (helder) glas bestaat en de werkplekken zich binnen een afstand van ten minste 1,5 2 maal de raamhoogte van de gevel bevinden. Meer informatie wordt gegeven in het Praktijkboek gezonde gebouwen van SBR en ISSO.